Posts tonen met het label Geneen Roth. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Geneen Roth. Alle posts tonen

zondag 12 augustus 2012

Pink Flamingo's op Bonaire



Is het mogelijk om echt te veranderen? Ik ben op m'n 27e een jaar in therapie geweest voor boulimia nervosa. Het was cognitieve gedragstherapie. In het kort gezegd gaat het bij CT minder om het verleden en meer om het hier en nu. Hoe ga je nu om met de neurose die je hebt ontwikkeld in je verleden. Het verleden speelt zeker een rol, maar de kern van de therapie is het onderzoeken van je cognities oftewel het ombuigen van de gedachtes over jezelf, het ontkrachten van je neuroses, het omzetten van je overtuigingen dat jouw manier van leven (met de neurose/verslaving/depressie die daar bij hoort) de enige manier van leven is. Er is een alternatief. Er is een uitweg. Dat gold ook voor mij. Na een jaar van zeer intensieve therapie ben ik gestopt met overeten en overgeven. Iets waarmee ik rond m'n tiende ben begonnen en vanaf m'n 17e een totaal normale manier van leven was voor mij. Tussen m'n 22e en 27e leefde ik voor verslaving. M'n 'ziekte' stond op 1 en de rest van m'n leven plande ik daar om heen. 

Na m'n behandeling genoot ik van 3 maaltijden en 2 snacks per dag. Dat kon 3 x een bak friet zijn en 2 x een slagroomtaart, of 3 x een salade en 2 x een appel, en alles wat daar tussen in zat. Ik at als een 'normaal' mens. Soms vergat is zelfs te eten! Ik kwam niet eens echt aan. Ik sportte wel, maar niet meer hysterisch veel. Althans het was niet meer minimaal 2 uur per dag. Sommige dagen sportte ik zelfs niet! De meeste mensen vonden juist dat ik was afgevallen. Geen idee. Ik stond niet meer op de weegschaal en droeg sowieso geen spijkerboeken meer dus alles veerde mee. Deze gelukkige en vredige periode heeft een klein jaartje geduurd. Maand of 8 of 10, dat weet ik niet meer precies. Ik weet wel nog precies wanneer deze huwelijksreis met mezelf eindigde. Ik stond voor voor de spiegel en dacht cellulites waar te nemen. DOOR M'N KLEREN HEEN! Dat was dat. 

Ticket terug naar de realiteit. Naar mijn oude en vertrouwde manier van eten, vreten en dieten. Overgeven heb ik bijna niet meer gedaan sinds dien. Heel soms in periodes van grote stress en/of totale wanhoop. Soms neem ik me nog wel eens voor om het te doen, maar vergeet ik het weer. Het is natuurlijk van levensbelang dat ik van dat kotsen af ben. De schaamte, eenzaamheid en wanhoop die daarbij horen, wens ik zelfs Karadzic niet toe, en dan heb ik het nog niet over de fysieke gevolgen zoals gevoelige tanden, slechte huid, haar uitval, chronische keelontsteking, maagzweren... Ik stop nu maar even... Wat wel is veranderd sind het niet meer overgeven is dat ik geen 'makkelijke' manier meer heb om 'even' af te vallen. Vanaf m'n 30e ben ik gestaag aangekomen, geholpen door 3 zwangerschappen. Het afvallen werd een mega probleem. Ook kwamen de vreetaanvallen in full force terug. Niet meer zoals in die 'goede oude tijd' 2 of 3 boodschappentassen leegeten voor de t.v. (vooral het shoppen voor mijn 'drugs' was af en toe reality-soap-waardig. Net doen alsof ik inkopen aan het doen was voor het wekelijkse uitje van een weeshuis bijvoorbeeld en dan vragen stellen zoals; "Voor hoeveel kinderen is deze taart? we zijn namelijk met z'n achttienen." Om maar 'normaal' en 'stabiel' over te komen, gna gna...) Terwijl ik dit schrijf moet ik lachen en word ik boos tegelijk... Net als herinneringen aan een verloren liefde die je altijd als 'shit' heeft behandeld. Wat een ellendige tijd, maar die paar momenten wanneer het 'goed' was, waren fan-fokking-tastisch... Zucht. Anyway, de vreetbuien zijn gebleven, maar kleiner van porties (niet van calo's denk ik...) en beter verdeeld over de dag/week/maand. Hapjes hier, zakjes daar, halve portie extra zus, 's nacht wakker worden 'van de honger' en even snacken zo... Sommigen van jullie weten waar ik het over heb. 

Hoe eet je 'normaal' als normaal niet bestaat en eigenlijk nooit heeft bestaan? Ik ben van kleins af aan getroosd, stil-gehouden en beloond met eten. Dat heb je al snel met een Russische Joodse moeder die de oorlog heeft meegemaakt, haar moeder in die zelfde oorlog heeft verloren (omdat ze Joods was) en naar Nederland is gekomen toen ze bijna 40 was met een hernia een een donker kind. Hoe verander je iets dat zo verbonden is aan wie en vooral wat je bent? Wat er al een aantal generaties in zit. Ik zal jullie de verhalen over m'n opa (die op blote voeten in de winter in Rusland de geiten moest hoeden) en zijn honger besparen. Veranderen? Ik heb het geprobeerd. Ik heb een klein jaar geblogd over mijn haat, liefde, HAAT verhouding met eten. Ik begon in 2009 met eten wat ik wilde en waneer ik wilde. A la Geneen Roth Het is niet gelukt. Althans niet lang genoeg. Bij het proces hoort namelijk dat je het volhoudt. Aankomt. Een plateau bereikt. Afvalt. Het lichaam vindt dat bij je past. Dit proces kost tijd. Ik ben weer gaar lijnen en durfde daar niet over te bloggen. Ik eet al een jaar koolhydraten vrij (behalve als ik een vreetbui heb natuurlijk). Ik heb mezelf al sinds m'n 27e niet meer gewogen, maar ik ben zeker afgevallen. Ik pas weer de kleren die ik een jaar na m'n eerste zwangerschap (8 jaar geleden, slik) paste. Dat is nog zeker niet m'n figuur van weleer, maar wel een redelijke verbetering. Nog steeds delete ik alle foto's die m'n man en kinderen van me maken op hun toestelletjes als ze even niet kijken... Maar ik heb een soort van manier gevonden, waarmee ik zonder al te veel zelfhaat een soort van gezond kan eten, af en toe soort van kan bingen, zonder al te veel desastreuze (lees 10 kilo aankomen) gevolgen. Is het mogelijk te veranderen? Wie ben ik eigenlijk? 43 jaar en nog steeds het zelfde ge-emmer als een 13 jarige over haar lijn? 

Ik ben nu op Bonaire. Het is hier zo lieflijk, rustig, onschuldig en tropisch. Een van de mooiste dingen die ik hier heb gezien zijn de Pink Flamingo's... Wat een feest om die in het echt en vrij in de natuur (ik haaaaaaat dierentuinen) te zien. Wat geeft die prachtige kleur een 'leven' in het anders toch wel wat dorre landschap. En het bijzondere... Pink Flamingos hebben die prachtige kleur dankzij hun manier van eten. Ze zijn wat ze eten! Dat geeft hoop. Het is; (een van m'n beste gaat nu lachen als ze dit leest, maar het is mijn lievelingswoord) louterend. De foto hierboven is van Gerda Anna Rudolf, ik ken haar van het zwemclubje op Bonaire elke ochtend in de zee, over louterend gesproken haha! Ik ga weer schrijven. Dat is namelijk waar ik van hou. Ongeacht van wat ik wel en of niet heb gegeten. Dat is ook wat ik ben. Ik wil Monique en Usha uit de grond van m'n hart bedanken voor hun support en geloof in mijn 'verbale diaree...' 

 xoxoAnousha

maandag 15 november 2010

The Gift of Kindness, Geneen Roth



Recently, I drove into in a nine-story parking garage in San Francisco, and after I finished my errands, I couldn't remember where I'd parked. My husband, who was in away at the time, had called just as I pulled into the space, and I was so happy to speak to him that I didn't write down the floor or space number. Although I'd parked in this same garage hundreds of times, and although I'd always parked on the same floor, in the same section, it now seemed as if my car had disappeared. During the first 20 minutes of schlepping from floor to floor, I was the model of equanimity. "It's here somewhere, sweetheart," I said to myself. "You'll find it soon." But then panic set in: What if my car was stolen? What if I had to stay here until every other car was gone so that my car would be obvious? I was tired, hungry, and probably a teeny bit more hysterical than the average person.

Then, two women in a white car pulled up. "Are you getting out of your space?" they asked, eyeing my shopping bags.

"I would if only I could find it" I said, sounding desolate. "I've lost my car.”

"Would you like to get in? We could drive you around and help you find your car."

Before the driver could finish her sentence, I nodded my head, said thank you, and leaped into the backseat. For 40 minutes, we carefully examined every single car on every single floor. We'd inch up on each silver sedan, hopeful, excited, only to find it wasn't mine.

After 42 minutes of searching, I began to question my sanity."Maybe I didn't park in this garage after all," I muttered. "Maybe I took my husband's ca and not mine," I said in a semi-whisper.

My twin saviors remained cheerful, although I am certain they were wondering if they' picked up a vagrant lunatic. When, at the end of the 45th minute, we found my car, I began squealing with delight and relief.

"Let me give you something," I said. "Anything. Do you want my earrings? My coat? My firstborn dog?."

They laughed. "Your parking space would be enough," they answered in unison.

As I was driving away, I was ecstatic. Not only because I was actually able to drive away, but because what had been an incredibly stressful situation was tempered by such unexpected kindness. Now, weeks after the incident, I am still awed by my rescuers' patience and willingness to postpone their errands to help a stranger. What could have been a disaster for me produced a multitude of gifts, as disasters often do. Often, when the worst happens, the best shows up as well. If I (and you) look around, the evidence is
undeniable.

I think of a man my friend Catherine knows who was just diagnosed with Lou Gehrig's disease (amyotrophic lateral sclerosis, or ALS). Soon, his hands and arms and legs will no longer work. But he keeps telling Catherine that the anticipation of the loss has heightened his awareness of all he has. He says, "If I didn't know I was losing my ability to move, I would never have found an appreciation of the simplest things." Every time he lifts one of his children, he is aware that his arms are still working, that he can smell their hair, kiss their cheeks. And when he makes sandwiches, he says, he is amazed at the wonder of each micromovement: taking the lettuce out of the refrigerator, spreading the mayonnaise, slicing the chicken, cutting the bread. "I've made a million sandwiches in my life, but I don't think I noticed making any one of them."

Obviously, given the choice to have Lou Gehrig's disease or be healthy, he would still choose being well, but since he doesn't have that choice, he is finding the blessing forged by the pain. The truth is that we can never know the greatness that will come from any loss until the loss is upon us. It's the loss itself that brings the good things we have into sharp relief.

For those of us who struggle with weight, there seem to be no kindnesses or blessings in the midst of the battle. It's not because they aren't there; rather, it's because we don't look for them. We expect all good things to start when we finally lose all the weight we want.

Let me say this right now: There are blessings in the middle of your frustration over food and weight; there are victories that live at the center of every defeat. Look for them now. If you don't, losing weight will not make them any clearer to you.

One after another, my students have told me about the times in their lives they've lost weight, hoping that their new thinner body would make everything they wanted possible. In fact, almost all of them wanted to lose weight because they were convinced it would change something fundamental in their lives: their feelings of self-regard, their willingness to be kind to themselves.

Then they discovered that when the weight changes, feelings don't.

Here's what I know: What you are looking for you can find now. You can find kindness and blessings in the heat of the struggle. In fact, that's when you're most likely to find them. I would not have learned that people can be so caring and generous if I hadn't lost my car in a parking garage and accepted the surprising gift of kindness from strangers.

Try this little exercise: Think about how you might be blessed now, no matter what you weigh. Do you feel joy about the little things, like braiding your daughter's hair; taking time to answer your son's question about caterpillars becoming butterflies; holding your husband's hand when you're at the movies? Do you feel a sense of victory when you aren't mean to yourself for eating too much or give yourself a pat on the back for passing up the irresistible cinnamon bun that calls to you at the mall?

This seemingly Sisyphean task of weight loss could be your best opportunity to learn how to be your own savior. Now is the time to be kind to yourself when you fail and congratulate yourself when you do the right thing, before you're as thin as you want to be.

Because it's not going to magically happen when you hit a certain number on the scale. I know this because not one student--not one--has ever, in 30 years, told me that she was kinder to herself when she lost weight. But every single student has told me the opposite: that when she gives herself what she wants most--treating herself with tenderness--no matter what she weighs, she already has what thin will give to her.

Ask yourself what the kindest thing you could do for yourself now would be. Something that doesn't require money or waiting for a result in the future. And when you know what that is, lavish it upon yourself. Because, unlike cars and keys and glasses, once you have it, you will never lose it.

vrijdag 10 september 2010

No Nuts For Glory





Na mijn vorige post heb ik weer een paar flinke stappen vooruit gemaakt. Wat er verandert is dat ik me steeds sterker en rustiger voel over wat ik eet. Wat niet verandert is hoe. Het blijft allemaal te maken hebben met waarom ik eet. 

Laatst fietste ik in de regen van de ene afspraak naar de andere. Ik had net de eerste cd van Celine Cairo aan haar gepresenteerd in Paradiso. Ik vond het zo leuk dat ze mij had gevraagd. Ik ben echt fan van haar muziek en van haar. Ik had zo graag nog willen blijven om nog een drankje te drinken, wat te kletsen en een beetje te netwerken. Maar ik moest snel weg door naar de volgende afspraak. Daar voelde ik me schuldig over. 'Hoe vaak moet ik niet ergens weg waar ik wil zijn? Hoe vaak ben ik wel niet onderweg naar ergens waar ik niet wil zijn,' bedacht ik me, terwijl ik haastig om niet meteen al helemaal nat te worden, m'n fiets van het slot haalde. 
Terwijl ik een vol Paradiso achter me liet, voelde me steeds schuldiger. Want hoe durfde ik weer te zeuren over mijn non-issues terwijl er nu in Pakistan echt vreselijke dingen gebeuren? Ik mijn tas brandden twee mini nutsjes. No Nuts No Glory, dacht ik nog toen ik ze jatte uit de kleedkamer van Celine. Ook daar voelde ik me schuldig over. In plaats van de nutsjes al fietsend weg te stouwen, bewegend eten heeft zo'n heerlijk 'ging zo snel dat je je kunt afvragen of het je het wel echt allemaal opgegeten hebt' element in zich, besloot ik het niet te doen. Niet eten maar denken. 

Ik besloot mijn problemen, of laat ik zeggen uitdagingen, te overdenken. Op de fiets in de regen. Wat is er nou aan de hand?

Mijn man en Ik werk heel veel en op onregelmatige tijden. Dus hebben we een au-pair maar echt goed gaat het niet. Ondertussen woont ze wel bij ons in huis. Ik kan haar niet op straat zetten. Het liefst doe ik dat wel. Daar voel ik me schuldig over. Mijn broer woont al 5 maanden tijdelijk bij ons en dat gaat goed. Maar het is wel nog een volwassene in huis. Met een eigen wil. Met eigen gewoontes. Soms erger ik me mateloos aan hem. Daar voel ik me schuldig over. Mijn oudste dochter moet van de school op een concentratie-cursus. Daar voel ik me schuldig over. Mijn zoon komt niet uit mijn buik en heeft de eerste drie jaar van z'n leven in een kindertehuis gewoond. Hij heeft veel aandacht nodig maar ook duidelijke grenzen. Ik ben heel ongeduldig. Daar voel ik me schuldig over. Mijn jongste dochter is zo lief en makkelijk dat ik haar soms dreig te vergeten. Daar voel ik me schuldig over. Ik heb sinds twee jaar naast mijn werkzaamheden als actrice en presentatrice een eigen productiebedrijf. Dat betekent kei-hard werken, veel investeren en voorlopig nog nauwelijks verdienen. Daar voel ik me schuldig over. Ik heb een super goed huwelijk als we elkaar zien. Daar voel ik me schuldig over. Ik ben nu al een hele blog lang aan het klagen. Ook daar voel ik me bla bla bla.

Het heeft dus weer te maken met iets niet mogen voelen. Iets liever weg te eten dan te voelen. Flink zijn om vervolgens weer zwak te zijn. 

In het laatste boek van Geneen Roth, 'Women Food and God,' stelt ze de lezer deze vraag; wat als je gevoelens altijd serieus werden genomen? Wat voor mens zou je zijn als ook je meest triviale, suffe onbelangrijk lijkende emoties met interesse werden beantwoord? Wat als je ouders/verzorgers al jouw twijfels en angsten liefdevol met je hadden besproken? Altijd hadden opgemerkt? Er zonder uitzondering alle tijd voor hadden genomen?

Die passage slaat er bij mij in als een bom. Natuurlijk kunnen ouders/verzorgers niet bij elke 'zucht' de tijd stil zetten en zich uitgebreid verdiepen in het kind en zijn of haar emoties. Maar wat als ze dat wel hadden kunnen doen? Voor jou? Wow!
Maar (en dat is het punt) zelf kun je het wel doen! Jij voor jezelf. Alle tijd. Alle ruimte. Je kunt bij elk zuchtje, pijntje, emotietje en gevoeltje beslissen of je er bij stil staat. En waarom eigenlijk ook niet?

Ik raad het alle emo-eters aan om te doen. Om in contact te blijven met je emo als het ware.
Dat ritje op de fiets veranderde de richting van mijn emoties van een 'naar beneden bewegende schuldspiraal' in een zen-moment van acceptatie. Ik voelde me gewoon even moe en op. Er hoefde geen oplossingen bedacht worden. Volgens mij zijn emo-eters namelijk heel erg oplossingsgericht. Lekker van de actie reactie. Controle- behoeftig. Doen-doen-doen. Go-go-go. Niks-aan-de-hand. Schrans-schrans-schrans. En weer door.

Die avond op de fiets in de regen liet ik het gewoon (lekker zweef) allemaal toe. Dat gevoel. Die twijfel. Schuld en boete. 
Even later was ik op de plaats van m'n bestemming gearriveerd. En even later smolten al die emo's langzaam weg als sneeuw voor de zon.

De nutjses zitten nog steeds in m'n tas. Ik kan ze morgen naar Paradiso brengen...

Tot de volgende sessie!





dinsdag 16 februari 2010

Willen eten versus moeten eten


Ik heb al een tijdje niet meer over Geneen Roth geschreven... Terwijl er zo veel de delen valt!

Gisteren een heel stuk gelezen over het verschil tussen eten dat naar je 'zingt' en eten dat je 'na roept.'

Eten dat naar je 'zingt' is eten dat je echt wilt. Eten waar je je als tijden, uren, dagen, op verheugt. Eten dat je voor je ziet. Al ruikt. Eten waar je voor wilt gaan zitten en van kunt genieten. Eten dat voor je zingt. Het begint met een zacht neuriënd melodietje. Na verloop van tijd valt het gezang niet meer te ontkennen of negeren. Het is tijd om te luisteren naar de melodie en er gehoor aan te geven.
Bijvoorbeeld, als het koud is en ik veel buiten ben geweest, heb ik soms al uren voorpret als ik aan het patatje oorlog denk dat ik later zal gaan eten. Dikke Vlaamse frieten met warme saté-saus, Hollandse mayo en veel uitjes. Het 'zingt' naar me. Het is niet dat ik het moet eten. Nee. Het is wezenlijk anders. Ik WIL het eten. En alles aan dat gevoel klopt. Het past bij het moment, de mate van honger en de sfeer. Het hoort zo te gaan, zeg maar.
Na een 'zing' maaltijd voel ik me dan ook nooit schuldig. Het voelt alsof ik het verdiend heb. Ik heb er naar uitgekeken. Gewacht tot ik honger had. Tot de situatie optimaal was. Totdat de setting helemaal klopte. Het voelt niet als een binge. Want ik heb er zelf en bewust voor gekozen. Zoals Geneen het al jaren preacht; je hebt honger en je eet wat je wilt eten. Wat bij de honger past.

Ok,
Eten dat je 'na roept' is eten dat je soort van overkomt. Ongeacht de mate van honger. Je wist niet dat je het wilde eten, totdat je het zag. Je liep er nietsvermoedend langs en opeens sloeg de vonk over. "Ziet er goed uit," denk je terwijl je door loopt. Je hebt immers geen honger. Maar het eten roept je na. Je moet terug.
Bijvoorbeeld, soms ben ik op een feestje. Daarvoor heb ik lekker en genoeg avond-gegeten. Er is niks aan de hand qua emoties. Ik ben blij om iedereen te zien. Niks voelt onzeker. Ik voel me niet eenzaam of niet op m'n plaats. Maar opeens zie ik een schaal pinda's. Nou hou ik helemaal niet bijzonder van pinda's. Pinda's 'zingen' nooit naar me. Maar op dat moment op die plek kan ik de pinda's opeens niet meer negeren. Ik loop er langs. Praat met iemand aan de andere kant van de ruimte. Kijk alle kanten op behalve de kant van de pinda's.... Maar de pinda's laten me niet gaan! Ik moet ze eten. Ik wil ze niet eten. Ik heb niks te willen. Ik MOET ze eten.

Herkenbaar? Dus als zoiets wel eens met je gebeurt, als merkt dat je iets MOET eten i.p.v. wilt eten, terwijl je geen honger hebt (want natuurlijk moet je eten als je honger hebt) ga dan eerst na of het niet toch emotioneel is. Even terug naar mij op dat feestje. Alles echt prima of schrik ik toch van mijn eigen reflectie in een spiegel? Voel ik me toch weer een pietsie onzeker omdat wie dan ook wat dan ook heeft gezegd, gedaan of op een bepaalde manier naar me heeft gekeken?
Is er iets aan de hand tussen een andere gast op het feestje en mij? Soms kan het heel spannend zijn om 'iemand' tegen te komen. Zowel positief als negatief. Bottom line, check het af. Niks is triviaal remember? Neem je gevoelens, hoe futiel ook serieus. Want een onverwerkte emotie resulteert ALTIJD in een binge. Kan lang duren, kan kort duren.

Als er echt niets aan de hand is qua acute emotie, dus je staat gewoon vrolijk bij de bakker en bestelt een lekker vers brood (waar je ook echt zin in hebt. Dus niet een zuurdesemknaller waar je eigenlijk helemaal geen trek in hebt maar ja, 'het is zo voedzaam') en opeens hoor je jezelf roepen "En doe ook maar 5 brownies..."
Is de kans groot dat je het slachtoffer bent van eten dat je 'na roept.' Neem het serieus. Want ook 'na-roep eten' = 'binge-opwekkend eten.'

Van eten dat je niet echt wilt eten maar dat naar binnen moet, eet je namelijk altijd te veel. Want de Geneenregel is en blijft en nu met z'n allen:
Als je eet terwijl niet weet waarom je eet, weet je ook niet wanner je wilt stoppen met eten.

Ga dus bij jezelf na hoe en wat. Want het tegenovergestelde is ook waar.
Als je weet waarom je eet, weet ook wanneer je wilt stoppen met eten.

Echt waar. Empirisch onderzoek, bij mezelf ;-) heeft dit aangetoond. Vertrouw me. Het is net zo'n kloppende formule als E=mc2

Hoe werkt het?
Soms kan het aan het eten liggen. Bij mij is dat met chips. Ik kan geen nee zeggen tegen chips. In wat voor situatie dan ook. Dus dat heb ik dan ook maar opgegeven. Is er ergens chips. Dan eet ik chips. Punt uit. Klaar. Ik zou zelf nog tijdens mijn eigen begrafenis uit de kist klauteren als er een schaaltje chips in de buurt zou staan. Dus, vrienden, onthouden...

Het kan ook aan de situatie liggen. Als ik bij mijn moeder ben, moet ik voorverpakte cheddarkaas van de Aldi eten. Nergens anders. Ik heb het nog nooit zelf gekocht. Ben ik zelf in de Aldi, loop ik er voorbij. Op elke andere plek vind ik het vies. Ook als mijn moeder een paar pakjes meeneemt naar mijn huis. Neen. Maar bij mijn moeder thuis? Kansloos. Moet. Het. Eten. Dus als ik bij mijn moeder ben en het is er niet. Ga ik het kopen. Lenen bij de buren. Stelen.

Geneen's tip is om dat bij jezelf te onderzoeken. Waarom MOET je bepaald voedsel of in een bepaalde situatie eten?
Belangrijk is je eigen behoeftes niet alleen te accepteren, maar te omarmen, lief, schattig en leuk van jezelf vinden. Dat werkt bevrijdend. Door het te weten van jezelf, haal je de 'mystiek' weg. Verliest het 'moeten' aan kracht.

Ik ben er achter gekomen dat die cheddar bij m'n moeder me doet denken aan de fijne momenten van vroeger, toen ik nog thuis woonde. Door dat te eten, op die plek, komt dat fijne gevoel weer terug.
Zo ook met die saaie pinda's. Mijn stiefvader at altijd pinda's. Het geeft me een 'gezellig' gevoel waar ik ook ben. Het is niet emo-eten in de zin van een gevoel wegeten. Het is momory-eten in de zin van er een gevoel bijeten.
In een acteer methode heet het sense memory en is het een belangrijke techniek om je in een karakter of situatie te kunnen verplaatsen.

Door het memory-eten van jezelf niet te veroordelen maar te onderzoeken en accepteren, zelfs respecteren, zul je merken dat 'het' steeds minder macht over je zal hebben.

Ik was net even langs bij mijn buren, na het eten, om iets te bespreken. Wij eten vroeg i.v.m. de kinderen. Mijn buren eten laat. Ik had al heerlijk en genoeg gegeten. Zij zaten nog aan de borrel. Er stonden chips en pinda's op tafel...
Ik heb van beiden genomen. Zonder verdere zelfkastijding. Zonder bijrijder (zie vorige posts.)
Want ik weet nu waarom ik het moet eten en dus wil ik het ook eten. En omdat ik het wil eten weet ik ook wanneer ik er genoeg van heb gegeten. Ik ben geen ontembare vreetzak. Ik heb er wel controle over. Want ik weet waar de behoefte vandaan komt. Waarom juist dat eten me op dat moment 'na roept.' En het is ok. Een handje was dan ook zeer bevredigend. Meer was niet nodig. En dat is nieuw. Ik weet nu wat ik doe. Ik begin mezelf te vertrouwen. Voorzichtig.



Volgers

Eten en ik. Ik en eten.